Stad in de regio

Onze opgave

Wij zijn voorstander van regionale samenwerking. Afhankelijk van het onderwerp kiezen we daarbij onze partners en de vorm van samenwerking. Onze stad heeft belang bij een sterke regio; en die regio heeft op zijn beurt belang bij een sterke centrumstad.

Met dat gedeelde belang voor ogen werken we op veel terreinen in regionaal en grensoverschrijdend verband samen. Een goede relatie met het Gelderse provinciebestuur en onze buren, zowel gemeenten en regio’s, is een belangrijke randvoorwaarde voor de regionale én stedelijke ontwikkeling. Ten aanzien van de verschillende mogelijke samenwerkingsconstructies moet steeds de vraag naar de democratische legitimatie gesteld worden. We willen vermijden dat regionale samenwerking zich voltrekt buiten het zicht en de controle van de democratisch gekozen raden.

Met regionale samenwerking zorgen we voor efficiency- en agglomeratievoordelen, werven we externe middelen, verbeteren we de concurrentiekracht van de lokale economie, verbeteren we het vestigingsklimaat, verbeteren we de bereikbaarheid en bereiken we draagvlak voor onze educatieve en sociaal-culturele voorzieningen. De inhoudelijke discussies over te bereiken maatschappelijke effecten behoren tot het beleidsdomein van de overige strategische thema’s en programma’s. Binnen het kader van dit thema voeren we de discussie over de meerwaarde van regionale samenwerking.

Voortgang en ontwikkelingen
Ontwikkelingen 2014-2015

De Modulaire Gemeenschappelijke Regeling (MGR) voor de 9 gemeenten in het Rijk van Nijmegen heeft een succesvolle start doorgemaakt. Uit de Bestuurskrachtmeting (waaraan uw Raad en ons College een bijdrage hebben geleverd) die in opdracht van provincie en VNG Gelderland is gemaakt,  blijkt dat de MGR bijdraagt aan een breed gedragen positieve beoordeling van de regionale samenwerking tussen de centrumstad Nijmegen en haar buurgemeenten. Natuurlijk zijn er praktische hobbels te nemen in de uitvoering, maar het onderlinge vertrouwen is op orde en draagt bij aan de oplossingsgerichtheid van de samenwerking.

Het succes van de MGR Rijk van Nijmegen zou er toe kunnen leiden dat gemeenten buiten de regio zich melden om aan te mogen sluiten voor een of meerdere modules. Dat kan middels aanpassing van de regeling zelf en het roept de vraag op in welke mate nieuwe toetreders ook vertegenwoordigd kunnen zijn in het bestuur en in de agendacommissie(s). In alle gevallen hebben de raden van de huidige partners in de MGR hierin het beslissende woord.

Per 1 januari 2015 is de Stadsregio Arnhem Nijmegen een normale gemeenschappelijke regeling geworden en zijn de WGR plus regio's bij wet afgeschaft. De taken, bevoegdheden en budgetten voor regionale mobiliteit gaan over naar de provincie Gelderland.  Er wordt gesproken over de vorm die de regionale samenwerking moet krijgen op de schaal van de stadsregio. Sinds eind 2014 wordt gewerkt aan het oprichten van een Gemeenschappelijk Orgaan, de lichtste vorm van een gemeenschappelijke regeling. Dit G.O. moet over enkele maanden worden opgericht met instemming van alle 19 gemeenteraden in het gebied. Parallel hieraan moet besluitvorming plaatsvinden over de opheffing van de bestaande gemeenschappelijke regeling per 1 juli. De Nijmeegse raad heeft besloten met die opheffing in te stemmen op voorwaarde dat er voorzien wordt in een adequate rechtsopvolging. Er is nog geen unanimiteit in de regio ten aanzien van de inrichting van het gemeenschappelijk orgaan. Niet voor alle over te dragen taken van de huidige stadsregio is al een oplossing gevonden. We zijn er wel in geslaagd om in onderlinge samenwerking tijdig een MIRT Agenda  in te dienen bij het Rijk. In de regio constateren we een over programmering van o.a. bedrijventerreinen, woningen en scholen en gaan daarover met regiogemeenten in gesprek en actief op zoek naar oplossingen.

In goed overleg met kennisinstellingen (Radboud Universiteit en Hogeschool Arnhem Nijmegen) en een aantal grote bedrijven in de regio en met steun van de provincie Gelderland wordt door de Keygroup Economic Board  gewerkt aan het oprichten van een triple helix stichting ter bevordering  van de economische ontwikkeling en profilering van de regio. De focus komt te liggen op de cross overs tussen food, health en energy. Inmiddels is een stevige samenwerking tussen de eigen regio en die rondom Ede (de Food Valley met de universiteit van Wageningen) in zicht. De beoogde oprichtingsdatum van de stichting ligt rond 1 juli 2015 en we constateren een groot regionaal draagvlak voor deze triple helix samenwerking.  

Nijmegen heeft in het voorbije jaar de banden aangehaald met Duisburg en Kleve. We hebben actief deelgenomen aan de discussie over een strategische agenda van de Euregio Rijn Waal. Het werkingsgebied is met Dusseldorf vergroot en met Kleve en Duisburg zijn contacten gelegd om samenwerkingsprojecten binnen het Interreg VA programma te realiseren. De Euregio kan zich verheugen in de groeiende belangstelling van de provincie en veel andere gemeenten in de regio. Nijmegen was lange tijd de enige actieve stedelijke partner aan Nederlandse zijde maar inmiddels tonen ook Ede en Arnhem veel belangstelling en heeft de provincie Gelderland uitgesproken meer werk te willen maken van de relatie met Nordrhein Westfalen. Als voorbeeld van hernieuwde grensoverschrijdende samenwerking noemen we de uitspraken van zowel het nieuwe provinciebestuur als Kreis Kleve om werk te willen maken van een verbetering van het openbaar vervoer. Het provinciale bestuursakkoord spreekt daarbij concreet over een snelle busverbinding Nijmegen-Kleve-Doetinchem.

Op meerdere terreinen zoeken we de samenwerking op met de regiogemeenten. We nodigen uw Raad uit om mee te denken over prioriteiten in kansen en knelpunten in onze regionale samenwerking.

Financiële effecten en investeringen

Grensoverschrijdende samenwerking kan Nijmegen veel opleveren en waar mogelijk maken we daarbij gebruik van INTERREG V gelden en andere Europese middelen. In alle gevallen vraagt dat om cofinanciering. De provincie Gelderland kan daar bij helpen, maar vraagt steeds vaker van de gemeente om ook de eigen verantwoordelijkheid te nemen. Voor cofinanciering zijn geen aparte middelen gereserveerd. Die middelen moeten uit de bestaande programmabudgetten komen.

In de afgelopen jaren had Nijmegen € 3,07 per inwoner beschikbaar voor de regionale samenwerking in de Stadsregio. Dat bedrag is door bezuinigingen in onze begroting gekrompen tot ongeveer € 1 per inwoner per 2016 en verdere jaren. Als Nijmegen haar geloof in regionale samenwerking wil omzetten in daden kan hiermee niet volstaan worden. In regioverband zijn afspraken gemaakt over de opvolging Stadregio: het oprichten van de stichting Triple Helix, de doorstart van Bureau Brussel en de start van de nieuwe stadsregionale samenwerking. De afspraak wordt waarschijnlijk  dat alle regiogemeenten hieraan € 1,50 per inwoner bijdragen. (claim € 85.000 vult begroting aan tot niveau van 1.50 euro per inwoner)
Nijmegen is in 2012 een partnerschap aangegaan met de Vertegenwoordiging van de Europese Commissie (VEC) voor de periode 2013-2017. Vanuit deze overeenkomst dragen wij bij aan het EDIC (Europe Direct Informatiecentrum). Op 4 februari 2015 heeft het college het voorstel vastgesteld waarin de middelen voor 2015 zijn geregeld. In dit voorstel is aangegeven dat bij de Zomernota 2015 gezocht gaat worden naar de benodigde middelen voor 2016 en 2017.

bedragen * € 1.000,-

programma

 2015

 2016

 2017

 2018

 2019

Bestaand beleid

B8. Opvolging Stadsregio

Bestuur en Middelen

-85

-85

-85

-85

-85

B9. project Edic

Bestuur en Middelen

-50

-50